Schijnhulst Delavay: kleine blaadjes, grote geurWie in maart langs de Schijnhulst Delavay (Osmanthus delavayi) loopt, ruikt de tuin voordat hij hem ziet. Deze wintergroene struik dankt zijn charme aan een wolk van kleine, witte trompetbloempjes met een zoete abrikozengeur. De fijne, hulstachtige blaadjes blijven het hele jaar op de struik, waardoor je nooit met kale takken zit. Op volwassen leeftijd bereikt hij zo'n 350 cm, maar door zijn trage groei blijft hij lang compact en handzaam. Ideaal als solitair, in een gemengde border of als geurende haag.Waarom de Osmanthus delavayi anders is dan gewone hulstAnders dan echte hulst prikken de blaadjes van de schijnhulst nauwelijks, waardoor snoeien en werken in de border prettig blijft. Bovendien bloeit hij uitbundig in het vroege voorjaar, iets wat de meeste wintergroene struiken je niet geven. De combinatie van dichte, glanzende bladeren en overvloedige geurbloei maakt hem tot een echte allrounder onder de heesters.Enkele redenen om voor deze variëteit te kiezen: Wintergroen blad: het hele jaar structuur en privacy in de tuin. Sterke geur in maart en april, precies wanneer de tuin nog leeg is. Trage groei: weinig snoeiwerk en lang mooi in vorm. Compact struikje voor kleine tuinen en zelfs grote potten. De schijnhulst planten en verzorgen zonder gedoeZet de schijnhulst op een zonnige tot halfschaduwrijke plek in doorlatende, licht zure en voedselrijke grond. In het Nederlandse klimaat is hij winterhard tot -16°C, maar een beschutte plek tegen koude oostenwind houdt het blad extra fris. Water geef je matig; te natte voeten zijn de meest gemaakte fout. Plant hem in maart, april, september of oktober voor de beste aanslag.Veelzijdig in de tuin en op het terrasDoor zijn dichte groei is deze struik perfect als lage, geurende afscheiding of als groenblijvende accentplant bij de zitplaats. In een border tussen andere heesters en vaste planten zorgt hij voor rust en structuur, ook in de winter. In een grote pot op het terras of balkon geniet je de geur van dichtbij. Snoei licht na de bloei om de vorm compact te houden.